Skip content

2017/051/CBE

Beroep tegen de beslissing van het CBE van de Universiteit van Amsterdam, waarbij het beroep van appellante tegen de afwijzende beslissing van de examencommissie van de Graduate School of Social Sciences op het verzoek tot verlenging van de geldigheidsduur van studieresultaten, ongegrond is verklaard.

Zaaknummer: 2017/051
Zittingsdag: Maandag 17 juli 2017
Datum uitspraak: 24-08-2017
Trefwoorden:
Artikelen:

Hoofdoverwegingen: 2.4 Onder II van de beslissing heeft het CBE het standpunt van appellante weergegeven. De omstandigheid dat het CBE heeft vermeld dat appellante een geschil heeft met de opleidingsdirecteur, terwijl appellante een geschil met de decaan zou hebben, is geen reden om de beslissing van het CBE te vernietigen. Voor de redenering die verweerder aan zijn besluit ten grondslag legt, is dit immers niet relevant.
Aan appellante is op 25 oktober 2016 een brief van de decaan opgestuurd, waarin hij heeft vermeld dat hij in een gesprek met appellante op 10 maart 2016 expliciet de beslissing dat zij geen veldwerk mag doen in een ontwikkelingsland, heeft ingetrokken. Verder heeft de examencommissie in een brief van 10 november 2016 aan het CBE vermeld dat de zij van de decaan heeft begrepen dat appellante sinds maart 2016 niet meer wordt verhinderd om veldwerk te doen in een ander ontwikkelingsland dan Burundi. Bij brief van 26 oktober 2016 heeft de examencommissie appellante in de gelegenheid gesteld alsnog een studieplan op te stellen. Daarbij heeft de examencommissie vermeld dat er geen bezwaar tegen bestaat dat zij veldwerk doet. Voorts heeft het CBE na de zitting op 23 november 2016 de zaak aangehouden om appellante tot 21 december 2016 nogmaals de gelegenheid te geven een studieplan in te dienen.
Het College acht het niet onredelijk dat de examencommissie om de geldigheidsduur van de studieresultaten van appellante nogmaals te verlengen, eist dat zij in overleg met een studieadviseur een studieplan opstelt. Gelet op het voorgaande, was er sinds maart 2016 geen belemmering voor appellante om veldwerk te doen in een ontwikkelingsland. Het gestelde geschil met de decaan behoefde appellante er derhalve niet van te weerhouden een studieplan op te stellen. Het CBE heeft terecht overwogen dat de examencommissie appellantes verzoek heeft mogen afwijzen

Downloads